1 Uitgraven 2 Plaatsen 3 Verbinden 4 Collector-/verdeler unit 5 Vullen

Met een geschikte graafmachine wordt voor de eerste Aardwarmtekorf een vierkant gat van 3 x 3 meter en 4 meter diep uitgegraven (MAXI korf). Vervolgens wordt er een greppel van 1,2 meter diep gegraven voor het leiden van het eerste uitgegraven stuk naar de verdeler.

Daarna wordt de eerste korf in het uitgegraven
stuk geplaatst en wordt dit stuk met de beschikbare aarde gevuld - indien voor dit doel geschikt - en met grondwater vastgeslibd. Vervolgens worden de resterende Aardwarmtekorven volgens hetzelfde principe geplaatst. Let op dat de gedefinieerde minimumafstanden daarbij worden aangehouden. Vervolgens worden de verbindingsgreppels telkens tussen de afzonderlijke korven van het korfveld op het niveau van de bovenzijde van de korf gegraven. Deze drie korven worden vervolgens tot een streng met elkaar verbonden.

Met Geopress fittingen worden de korven met elkaar verbonden en centraal aangesloten op de verdeler. De verbinding moet altijd in de verbindingsgreppel worden uitgevoerd.

De geheel voorgemonteerde collector- en verdelerunit wordt op een diepte van ongeveer één meter onder de bovenzijde van de kelderverdieping met schroeven aan de buitenmuur van de kelder of in een verdelerschacht gemonteerd. Let op de uitlaat links of rechts van de warmtepomp. Middels de aanwezige vuldoppen van de unit wordt de druk getest evenals het vullen met het warmtedragermedium. Hier kan men de unit ook met het warmtedragend medium vullen. Een on-site lichtschacht wordt vervolgens om de unit heen gemonteerd (de lichtschacht maakt geen deel uit van de standaardoffertes). Let erop dat de afstand tussen lichtschacht en waterglycol oplossingsbuis tenminste tien centimeter bedraagt. Als alternatief kan de unit ook los in een beton- of kunststofput worden gemonteerd. De grens/scheidslijn voor de verwarmingsinstallateur is de uitlaat van de verdelerafsluiter in richting warmtepomp 11/4” binnendraad.
Voor het vullen met het warmtedrager medium wordt voor elke streng afzonderlijk een druk van 8 bar gerealiseerd. De druktest moet volgens de desbetreffende aantekening worden uitgevoerd. Afhankelijk van de vergunningsvoorschriften wordt met een 27% waterglycol oplossing mengsel een vorstbescherming tot tenminste -14 °C bereikt. De hoeveelheid waterglycol oplos-sing per korf, respectievelijk voor 100 meter buis, bedraagt ca. 53 liter.










