Veel gestelde vragen

Waarom is bij Aardwarmtekorven het bevriezingsgevaar gering te noemen?
De warmtedrager koelt in principe bij elke doorloop van de warmtepomp iets af. Dat leidt geleidelijk tot bevriezing van het systeem. Hoe groter het oppervlak van het aardwarmtesysteem is, hoe langer het afkoelingsproces duurt. Vergeleken met aardsondes of oppervlaktecollectoren beschikt het systeem met Aardwarmtekorven over een oppervlak dat tot 100% groter is. Een korf bestaat uit ongeveer 100 meter buis, wat overeenkomt met een oppervlak van tien vierkante meter. Analoog daaraan circuleert er ook een dubbele hoeveelheid van het warmtedragende medium. Om dit oppervlak duurzaam te bevriezen is een overbelasting van meer dan 50 procent, dat wil zeggen meer dan 1.000 gebruiksuren per jaar noodzakelijk.

Waarmee moet men rekening houden bij de beplanting, respectievelijk bebouwing
Tuinliefhebbers hoeven er bij de beplanting geen rekening mee te houden: naast standaard gazons, struiken en bloemperken kan tot halfhoge bomen aan toe – alles worden geplant. Niet geschikt zijn diep wortelende bomen en struiken. Bij bebouwing dient men alleen te letten op de waterdoorlaatbaarheid. Parkeerplaatsen van grasbetontegels en dergelijke kunnen zonder enig bezwaar worden gebruikt. Een vaste bebouwing of een verzegelde oppervlak is niet toegestaan.

Welk effect heeft de toepassing van aardwarmtekorven op de aarde erboven?
Door hun vorm en de ligging voltrekt de warmteonttrekking bij de Aardwarmtekorven zich altijd in het deel dat er op een diepte van meer dan 1 meter schuin onder ligt en heeft het daardoor geen invloed op de aarde erboven. Daarom zijn zij niet van invloed op de plantengroei en het smelten van sneeuw.

Is de installatie stabiel en veilig?
Alle gebruikte componenten lijken wat betreft kwaliteit en afmeting op de installaties voor aardwarmtesondes. De gebruikte verbindingstechnieken zijn mechanisch belastbaar en doordat zij het vermogen hebben iets mee te veren, kan er zelfs met “normale” voertuigen over het oppervlak boven bebouwde aardwarmtekorven worden gereden.

Is de verwarmingscapaciteit in de winter gegarandeerd, zodat ik niet in de kou zit?
Door zijn speciale vorm en dimensionering is de Aardwarmtekorf in principe in staat, de benodigde warmte te onttrekken aan een groot aardvolume. Bovendien wordt de optimale afmeting van het aardwarmtekorfveld, afhankelijk van de specifi eke onttrekkingscapaciteit van de grond, door de adviseur exact berekend.

Waarom is de plaatsingsdiepte ‘slechts’ ca. 4 meter?
Aangezien er warmte aan de aarde wordt onttrokken kan er alleen regeneratie van boven door zon, regenwater of grondwater plaatsvinden. Hoe dichter de aardwarmtekorf dus in het vorstvrije gebied aan de oppervlakte ligt, hoe sneller de warmte de afgekoelde aarde kan bereiken. Er moet echter absoluut een plaatsingsdiepte beneden de vorstgrens van ongeveer 20 cm bovenkant korf worden gehanteerd.

Zijn er andere toepassingen voor aardwarmtekorven?
De Aardwarmtekorven kunnen als hun afmeting hierop wordt afgestemd onder bepaalde voorwaarden ook worden gebruikt voor koeling, voor het voorverwarmen van aanzuiglucht door middel van warmtewisselaars of voor de opslag van warmte, respectievelijk koude voor industriële toepassingen.

Welke voordelen heeft de aardwarmtekorf ten opzichte van soortgelijke systemen?
In vergelijking met aardwarmtesondes kan er op de kosten worden bespaard. Bij een juiste berekening van het korfveld en de warmtepomp zal het aantal bedrijfsuren per jaar vergelijkbaar zijn met dat van de aardsonde. De korven kunnen echter ook worden gebruikt voor het drogen van gebouwen. Het korfsysteem is snel beschikbaar (twee weken tot het operationeel is) en kan in combinatie met warmtepompen met een aanzienlijk groter temperatuurspectrum (van –10 °C tot +45 °C) van de waterglycol oplossing werken.